Woonlasten
De gemeentelijke woonlasten worden als volgt gedefinieerd: het gemiddelde bedrag dat een huishouden in een woning met gemiddelde waarde in een gemeente betaalt aan OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing, minus een eventuele heffingskorting.
De beleidsuitgangspunten zijn:
- Voor 2027 is rekening gehouden met het aangenomen amendement van de jaarrekening 2023 voor de bevriezing van de lokale woonlasten 2027. Het aanvullend tekort in 2027 wordt onttrokken uit de Algemene reserve.
- Vanaf 2028 zijn de tarieven voor afval- en rioolheffingen 85% kostendekkend opgenomen en met ingang van 2030 zijn de tarieven gebaseerd op 90% kostendekkend.
Op basis van de bekende parameters van medio 2026 wordt de ontwikkeling van de woonlasten als volgt berekend:
bedragen x € | |||||
Lokale lastendruk woningeigenaren, meerpersoonshuishouding | |||||
Uitgangspunten | |||||
Huishouden (woning in eigendom) | > 1 persoon | ||||
Gemiddelde WOZ-waarde koopwoning | 376.000 | 2026 | |||
Gemiddelde waardeontwikkeling | 13,1% | ||||
Gemiddelde WOZ-waarde koopwoning | 425.000 | 2027 | |||
2026 | 2027 | mutatie | mutatie tarief | mutatie woonlasten | |
OZB | 439,97 | 439,97 | 0,00 | 0,0% | 0,0% |
Afvalstoffenheffing | 274,21 | 274,21 | 0,00 | 0,0% | 0,0% |
Rioolheffing | 155,30 | 155,30 | 0,00 | 0,0% | 0,0% |
Totale woonlasten | 869,48 | 869,48 | 0,00 | 0,00% | |
Toelichting
- OZB
De woonlastendruk is gebaseerd op de gemiddelde waarde van een koopwoning van € 425.000 ( Bronnen: CBS en Waarderingskamer ). Deze begrote waarde van een woning wordt als basis genomen voor de gemeente Venlo voor het belastingjaar 2027. Er kunnen wel individuele verschuivingen zijn.
Jaarlijks is er een herwaardering waarbij alle objecten opnieuw worden getaxeerd naar de waardepeildatum 1-1-2026. De herwaardering of nieuwe taxatieronde WOZ voor belastingjaar 2027 is bij het opstellen van onderhavige begroting nog niet afgerond. In het kader van de herwaardering werken we met de waardepeildatum 1-1-2026. Omdat er op dit moment nog geen zicht is op de waardeontwikkeling van het vastgoed in de gemeente rekenen we in deze begroting voor belastingjaar 2027 met de meest recente waardeontwikkeling van 13,1% ( bron: CBS ).
De waardeontwikkeling heeft overigens geen effect op de geraamde OZB-opbrengsten. Volgens bestendig beleid worden de OZB-tarieven verhoogd bij een waardedaling. Bij een waardestijging dalen de tarieven. - Afvalstoffenheffing en rioolheffing
In het kader van stabilisatie woonlasten wordt voor het begrotingsjaar 2027 gekozen voor gelijkblijvende tarieven als in 2026 (zie tevens beleidsuitgangspunten).
De gelijkblijvende tarieven voor OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing houden in dat de gemiddelde woonlastendruk in 2027 niet wijzigt.
Over de periode 2025-2030, zijn de volgende effecten in de woonlastendruk herkenbaar:

Het lijndiagram bevat vier lijnen die de te verwachten woonlastendrukontwikkeling in de periode 2025-2030 laat zien. De onderste lijn toont de ontwikkeling van de rioolheffing, de volgende de afvalstoffenheffing en de derde lijn de ontwikkeling van de onroerendezaakbelasting. De vierde lijn is de optelling van de genoemde drie onderdelen. Vooralsnog is uitgegaan van een stabilisatie van de woonlasten voor de jaren 2025 tot en met 2027. In 2028 en 2029 gaat de kostendekkendheid naar 85% en in 2030 naar 90%.
Overige effecten
Naast de effecten op de woonlastendruk brengen wij jaarlijks de gevolgen van de belastingontwikkelingen voor een woninghuurder en voor de categorie niet-woningen in beeld.
Voor de woninghuurder blijven de gemeentelijke lasten gelijk aan die van 2026.
Voor de categorie niet-woningen (ondernemers) leiden de belastingvoorstellen eveneens tot een stabilisatie van de lastendruk in 2027 ten opzichte van 2026.
Dit geldt voor een ondernemer die een bedrijfspand in eigendom en in gebruik heeft. De begrote gemiddelde waarde van een niet-woning wordt niet gepubliceerd.
Benchmark referentiegemeenten
Jaarlijks presenteren wij de ontwikkeling van de gemeentelijke woonlasten van Venlo, afgezet tegen een aantal referentiegemeenten.
De bedragen van de referentiegemeenten worden daarbij weergegeven als percentage van het bedrag van de gemeente Venlo. Het bedrag van de gemeente Venlo is dus gelijkgesteld aan 100%. De gegevens in onderstaande tabel zijn overgenomen uit de ‘Atlas van de lokale lasten 2026’ van het Coelo. Om tot een zo goed mogelijke vergelijkbaarheid van de gemeenten te komen hanteert Coelo een aantal uitgangspunten waardoor de gepresenteerde tarieven kunnen afwijken van de gemeentelijke tarieven. In deze atlas worden de woonlasten vergeleken voor zowel een éénpersoonshuishouden als een meerpersoonshuishouden.
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden referentiegemeenten | bedragen x € | |||||||||
2022 | % van Venlo | 2023 | % van Venlo | 2024 | % van Venlo | 2025 | % van Venlo | 2026 | % van Venlo | |
Alkmaar | 709 | 79% | 749 | 85% | 835 | 94% | 874 | 99% | 932 | 108% |
Delft | 1.045 | 116% | 1.078 | 123% | 1.128 | 127% | 1.192 | 135% | 1.222 | 141% |
Deventer | 917 | 102% | 919 | 105% | 940 | 106% | 1.001 | 113% | 1.049 | 121% |
Heerlen | 969 | 108% | 964 | 110% | 993 | 112% | 1.041 | 118% | 1.096 | 127% |
Helmond | 935 | 104% | 974 | 111% | 1.030 | 116% | 1.051 | 119% | 1.085 | 125% |
Hengelo | 901 | 100% | 928 | 106% | 972 | 109% | 996 | 113% | 1.042 | 120% |
Hilversum | 920 | 102% | 938 | 107% | 974 | 109% | 1.044 | 118% | 1.123 | 130% |
Leeuwarden | 868 | 96% | 840 | 96% | 851 | 96% | 898 | 102% | 938 | 108% |
Maastricht | 995 | 111% | 1.024 | 117% | 1.022 | 115% | 1.059 | 120% | 1.065 | 123% |
Sittard-Geleen | 1.021 | 113% | 1.108 | 126% | 1.129 | 127% | 1.150 | 130% | 1.169 | 135% |
VENLO | 900 | 100% | 877 | 100% | 890 | 100% | 882 | 100% | 866 | 100% |
Westland | 1.016 | 113% | 1.021 | 116% | 1.057 | 119% | 1.081 | 123% | 1.110 | 128% |
Gemiddeld | 933 | 952 | 985 | 1.022 | 1.058 | |||||

Het lijndiagram bevat vier lijnen die de woonlasten voor een meerpersoonshuishouden in de gemeente Venlo in beeld brengen, in vergelijking met referentiegemeenten in de periode 2022-2026. Eén lijn laat het gemiddelde zien van alle referentiegemeenten, één lijn geeft Venlo weer en er zijn nog twee lijnen voor de laagste respectievelijk hoogste woonlasten. De woonlasten van de gemeente Venlo liggen vanaf 2022 ruim onder het gemiddelde.
Ten opzichte van de referentiegemeenten is de positie van Venlo in 2025 verbeterd. In 2022 lag Venlo al onder het gemiddelde en het verschil is steeds verder toegenomen tot € 192 in 2026. In de referentiegroep heeft Venlo in 2026 de laagste woonlasten. Gezien de gelijkblijvende woonlasten voor 2027 is de verwachting dat dit zo blijft.
Ranglijst woonlasten
Uit de Atlas lokale lasten 2026 van het Coelo blijkt dat de positie van Venlo op de ranglijst van de woonlasten het afgelopen jaar beduidend is verbeterd ten opzichte van 2025. De sterke daling in 2026 komt door de stabilisatie van de woonlasten. Venlo zit ruim onder de middenmoot. De verwachting voor 2027 is dat de positie van Venlo op de ranglijst nog iets verbetert omdat de woonlasten nog een jaar gelijk blijven ( nummer 1 op de ranglijst heeft de laagste lasten ).
Het lijndiagram bevat twee lijnen die de positie van Venlo op de ranglijst van de woonlasten laat zien ten opzichte van het totaal aantal opgenomen deelgemeenten in de periode 2022-2026.
Als we naar onderstaande grafiek kijken, dan blijkt dat de woonlasten voor meerpersoonshuishoudens in Venlo in 2026 zijn gedaald ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De woonlasten voor een meerpersoonshuishouden bedragen in Venlo € 866 ten opzichte van het landelijk gemiddelde van € 1.095.
Het lijndiagram bevat twee lijnen die de woonlasten voor een meerpersoonshuishouden in de gemeente Venlo in beeld brengen ten opzichte van het landelijk gemiddelde in de periode 2022-2026.
