Een overzicht van de verplichte BBV beleidsindicatoren staat op Waarstaatjegemeente.nl .
Dit is Venlo in vergelijking met andere gemeenten met 100.000 - 300.000 inwoners.
1.4.1 Maatschappelijke participatie
Bron: Stadspeiling
Toelichting
De tabel geeft het aandeel mensen weer dat zich bevindt op een van de 7 treden van de participatieladder. Het aandeel mensen op trede 1 leeft sociaal geïsoleerd. Dit zijn mensen die minder dan een keer per week contact hebben met andere mensen buiten hun huishouden. De ambitie is om deze waarde te laten dalen naar maximaal 3%. Deze ambitie is in 2021 gehaald. Bijstelling van de ambitie is de dalende trend voort te zetten en tenminste onder de 3% te houden. De overige trede zijn als volgt gedefinieerd: trede 2: Sociale contacten, trede 3: Georganiseerde activiteiten, trede 4: Onbetaald werk, trede 5: Betaald werk met uitkering, trede 6: Betaald werk en trede 7: Betaalde en wekelijks vrijwilligerswerk.
1.4.1 Maatschappelijke participatie Trede 1
Bron: Stadspeiling
Toelichting
De tabel geeft het aandeel mensen weer dat zich bevindt op een van de 7 treden van de participatieladder. Het aandeel mensen op trede 1 leeft sociaal geïsoleerd. Dit zijn mensen die minder dan een keer per week contact hebben met andere mensen buiten hun huishouden. De ambitie is om deze waarde te laten dalen naar maximaal 3%. Deze ambitie is in 2021 gehaald. Bijstelling van de ambitie is de dalende trend voort te zetten en tenminste onder de 3% te houden.
1.4.2 Schaalscore sociale cohesie (0-10)
Bron: Stadspeiling
Toelichting
Schaalscore sociale cohesie (die loopt van 0-10) is een samengestelde indicator en bevat de volgende aspecten: 1. De mate waarin mensen dingen ondernemen, zowel op individueel- als buurtniveau; 2. De mate van solidariteit tussen bewoners, zowel sociaal-emotionele steun als instrumenteel en informatieve steun; 3. De mate waarin bewoners zich betrokken voelen bij de mensen in de buurt. De ambitie is om deze waarde te laten stijgen naar minimaal 5,5.
1.4.3 Verstrekte bijstandsuitkeringen
Bron: Gemeente Venlo / Suite
Toelichting
Het betreft het jaarlijks decembercijfer van de door de gemeente Venlo verstrekte uitkeringen op basis van de Participatiewet, IOAW en IOAZ. De ambitie volgt uit de jaarlijkse herberekening op basis van het laatst bekende realisatiecijfer gecorrigeerd op de volumemutaties die het Rijk prognosticeert. Daarmee houdt deze aan de landelijke ontwikkeling gerelateerde ambitie rekening met de (voor Venlo gecorrigeerde) ontwikkeling van de prognose.
1.4.4 Sociaal minimum
Bron: CBS/Regionaal inkomens onderzoek
Toelichting
Het aandeel huishoudens dat langer dan 4 jaar een inkomen onder de 110% van het sociaal minimum heeft. Het sociaal minimum is het wettelijk vastgestelde bestaansminimum. Het sociaal minimum is gelijk aan de hoogte van de bijstandsuitkering of de AOW. Het bedrag is afhankelijk van de leefsituatie (alleenstaand, alleenstaande ouder, samenwonend met partner) en leeftijd. Voor huishoudens met minderjarige kinderen wordt het bedrag aangevuld met kinderbijslag en kindgebonden budget. Ook bestaat er vaak recht op huurtoeslag en zorgtoeslag. Daarnaast kent de gemeente Venlo lokaal minimabeleid waarop deze huishoudens een beroep kunnen doen. De ambitie is om dit cijfer te laten dalen naar 7% van het aantal Venlose huishoudens. Met een realisatiecijfer van 6,8% over 2023 is deze ambitie gerealiseerd en wordt onderzocht of en hoe het realistisch is de ambitie verder te verhogen door een lager streefpercentage te gaan stellen.
1.4.5 Kinderen in armoede
Bron: CBS/Regionaal inkomens onderzoek
Toelichting
Het percentage aan minderjarige kinderen woonachtig in particuliere huishoudens (met een laag inkomen) per 1 januari van het verslagjaar. Per begrotingsjaar 2024 is noodzakelijkerwijze op andere meetbron overgeschakeld. De indicator meet nu het percentage aan minderjarige kinderen dat woonachtig is in particuliere huishouden met een laag inkomen. De indicator kijkt telkens drie jaar terug. De ambitie is geformuleerd als elk jaar de kinderarmoede verlagen ten opzichte van het vorige meetjaar. En de lokale meetdata worden gebenchmarkt op de landelijke ontwikkeling (cijfer over geheel Nederland). Vanwege veranderingen in meetsystematiek, wordt onderzocht of verbetering van deze indicator te realiseren.
1.4.6 Beëindigde bijstandsuitkeringen vanwege werkaanvaarding
Bron: Gemeente Venlo / Suite
Toelichting
Het aandeel beëindigde bijstandsuitkeringen vanwege arbeidsaanvaarding ten opzichte van het totaal aantal beëindigde bijstandsuitkeringen. De ambitie is enige tijd geleden bijgesteld op basis van de werkelijkheid dat in de huidige samenstelling van de groep mensen die nu op bijstandsuitkering aangewezen zijn, steeds duidelijker wordt dat voor veel van hen de trap naar betaald werk een trap met veel treden en van lange adem zal zijn. De in periode tot 2020 geboekte resultaten lagen substantieel hoger, maar sindsdien is door de combinatie van structureel krappe arbeidsmarkt en meer langdurige en meervoudige problematieken onder de groep bijstandsgerechtigden focus op uitstroom maar in beperkte mate bepalend en haalbaar. Vandaar dat in 2024 de ambitie ook verlaagd is. Tevens wordt naar de toekomst toe onderzocht of deze indicator completer wordt met een wijziging naar of aanvulling op met inzicht op de mate waarin uitkeringsgerechtigden – binnen de uitkeringssituatie - meedoen naar vermogen.
1.4.7 Aantal verstrekte WW uitkeringen
Bron: UWV
Toelichting
In de tabel staat het aantal WW-uitkeringen van januari van dat jaar. De kosten voor WW-uitkeringen worden betaald door het UWV. Deze cijfers worden maandelijks gepubliceerd. Op basis van de cijfers betreffende december 2024 is in Venlo een daling met 5 WW-uitkeringen ten opzichte van een jaar daarvoor zichtbaar (van 1.465 eind 2023 naar 1.460 per eind 2024).